Een weekje populistisch theater in oktober
Waarom je niet moet samenwerken met de radicaalrechtse populist, aflevering 45
Fleur Agema deed vandaag voor de ministerraad Tony Soprano na. Zij zei over parlementair verzet tegen het misbruiken van noodrecht: "Als het staatsnoodrecht ingaat, dan wil ik nog weleens zien wie zo stoer is om het tegen te houden."
Een van de problemen van radicaalrechtse populisten toelaten tot de macht, is dat de meesten in de politieke bubbel - politici, journalisten, etc - dit type partijen blijven beoordelen alsof ze normale politieke partijen zijn.
Zo krijg je analyses over de haalbaarheid van hun voorstellen. Maar het gaat niet om de haalbaarheid.
Of gesprekken over wat de populist nou precies bedoelde. Maar het gaat niet om wat de populist precies bedoelde.
Of debatten over de adviezen van ambtenaren. Maar het gaat niet om de ambtelijke adviezen.

Zo wordt consequent het reguliere politieke spel gespeeld, terwijl de populisten een wezenlijk ander spel aan het spelen zijn.
Maar soms gebeurt er in een week ineens zoveel dat het vrijwel onmogelijk is om niet met de neus op de feiten gedrukt te worden: we hebben hier niet te maken met normale politieke partijen.
Zoals deze week in oktober.
Geert Wilders wil demonstranten waar hij het niet mee eens is het land uitzetten
Minister Faber wil aankomende vluchtelingen verwelkomen met een bord "Hier werken we aan uw terugkeer"
Geert Wilders wil een burgemeester waar hij het niet mee eens is ontslaan
BBB valt de integriteit van de NOS aan omdat ze het niet eens zijn met de kop van een artikel
Een groep juristen oordeelt dat het regeerprogramma op belangrijke onderdelen niet rechtsstatelijk is
Minister Faber wordt in Brussel belachelijk gemaakt om haar "opt out"-ballonnetje
Vicepremier Agema zegt over parlementair verzet tegen het misbruiken van noodrecht: "Als het staatsnoodrecht ingaat, dan wil ik nog weleens zien wie zo stoer is om het tegen te houden."
We hebben hier niet te maken met normale politieke partijen. Sterker nog, niet normaal zijn is een van hun wezenlijke (en bewust uitgemolken) kenmerken. Steeds verbaasd zijn wanneer een populist iets doet dat niet binnen de normale kaders valt is heel vreemd. Het zou pas vreemd zijn wanneer een populist iets doet dat wel binnen de normale kaders valt.
Zo haalde ik bij vrijwel al die ophefjes van de afgelopen week mijn schouders op. Wat had je dan verwacht? Dacht ik. Ze doen wat ze altijd doen. Alleen nu in een positie van macht.
Maar ik hoop ook dat zo'n week bijdraagt aan het besef dat we niet te maken hebben met normale politici. Dat ze een ander spel spelen. Andere doelen hebben. En dus ook anders beoordeeld moeten worden. Daarbij moet je met de volgende zaken rekening houden.
Radicaalrechtse populisten veranderen niet naar mate ze dieper in het systeem zitten. Het systeem verandert.
Ze worden niet afgestraft omdat ze hun onhaalbare plannen niet realiseren. De onhaalbaarheid IS het plan. Waarmee ze hun andere doelen bereiken.
Ze willen geen beleid, maar theater. Ze bloeien bij chaos en verwelken bij stabiliteit. Ze zijn geen constructieve partijen, maar revolutionaire partijen: ze willen de instituties beschadigen en afbreken om ze vervolgens naar hun hand te zetten.
Het normale politieke spel gaat niet op. Wanneer je met ze in een coalitie samenwerkt en denkt dat kiezers hun onverantwoorde gedrag zullen afstraffen, dan zie je niet wat de kiezer ziet.
De kiezer ziet een kabinet waarin 1 partij aan het knokken is om iets voor hen te doen en 3 partijen die aan het manouvreren zijn om niet de schuld te krijgen wanneer het mis gaat.
De kiezer ziet dus 1 partij leiderschap tonen en de rest wegduiken. Wie zal beloond worden?
Als je met radicaalrechtse populisten samenwerkt in een coalitie, dan moet je jezelf niet de vraag stellen wat je rode lijnen precies zijn. Het is een zekerheid dat ze worden overschreden, je weet alleen niet precies hoe (ja, ze zijn creatief).
Je moet jezelf ook niet bij ieder ophefje de vraag stellen: "Moet ik hier dan de boel om laten klappen?"
Je moet terugkijken naar de rode lijnen die al zijn overschreden en bij nieuwe overschrijdingen denken: "Als ik nu niets doe, wanneer dan eigenlijk wel?"
Wanneer is het erg genoeg?
Hoe ver laat ik de grens nog opschuiven?
Had ik wat er nu gebeurt anderhalf jaar geleden normaal gevonden?
Dit was zo'n week waarin je die vragen zo vaak moest stellen, dat wellicht het lampje even ging branden. We zitten niet in een normaal politiek spel. We hebben niet te maken met normale politieke partijen. Deze partijen gaan ook nooit normaal worden, hoeveel macht je ze ook geeft. Ze gaan nooit méér op jou lijken, wanneer je ze verantwoordelijkheid geeft.
Sterker nog. Het omgekeerde gebeurt. Jij wordt steeds meer als zij.
Was dat dan de bedoeling?
Ik denk het niet. En dan is zo’n weekje als de afgelopen week nuttig. Om even op een rij te zetten wat er gebeurt wanneer je radicaalrechtse populisten macht geeft. De voorbeelden liggen voor het oprapen.
En het grote plaatje wordt heel snel zichtbaar.


Wat een goed stuk.
De PVV verandert het systeem helemaal niet; dat mocht ze willen. Het is geen Fidesz met een geraffineerde infrastructuur, maar een ‘partij’ met één lid en een aantal incompetente bewindslieden, die nog geen deuk in een pakje boter kunnen slaan. Als het afgelopen jaar iets bewezen heeft, is het wel de taaiheid van het systeem. Er zijn bizarre uitspraken gedaan (die veel te veel aandacht krijgen), er is papier geproduceerd, maar er is niets wezenlijks veranderd. Dit soort bangmaak-berichten maken Wilders veel groter dan hij is en spelen hem daarmee juist in de kaart.